Is een Japandi woonstijl makkelijker schoon te houden?

Japandi woonstijl volgens Grok en ik moet zeggen: het lijkt er wel aardig op!
Japandi woonstijl volgens Grok en ik moet zeggen: het lijkt er wel aardig op!

Dacht ik eerst nog dat Japandi een muziekstijl was, blijkt niets minder waar: Japandi is een woonstijl die echt rust kan brengen en minder spullen nodig heeft om toch mooi te zien. Het is een combinatie tussen de Japanse traditionele woonstijl en Scandinavische interieurs. Beiden staan niet echt bekend om hun uitbundige interieur, maar juist om rust, orde, weinig spullen, strak en vol natuurlijke materialen.

Alles opnieuw kopen?

In principe hoeft dit niet. Ook al staat de Japandi woonstijl bekend om zijn natuurlijke materialen en minimalistische indeling, dit kun je ook bereiken met je eigen spullen. Als het even kan voeg je wel natuurlijke meubelen en woonaccessoires toe. Denk aan:

  • Echt hout (licht of donker, beiden mag)
  • Linnen, wol en katoen
  • Keramiek en steen
  • Gebruik rustige, aardse kleuren
  • Aardetinten: beige, zand, taupe, grijs
  • Gedempte kleuren zoals zacht groen of bruin
  • Weinig contrast, alles voelt “zacht”

De natuurlijke Japandi woonstijl zelf toepassen

Wil je hem echt goed toepassen, dan ga je ontspullen. Ga maar eens goed door je huis en kijk wat kan blijven, of niet. Dat doe je op de onderstaande manier.

Begin met schrappen van spullen die weg kunnen – dit is 70% van de Japandi woonstijl, zo kun je het zien.

Als je je huis richting een Japandi woonstijl wilt brengen, begint dat niet met meubels kopen, maar met kritisch kijken naar wat er al staat. Loop rustig door elke ruimte en stel jezelf bij ieder object dezelfde vraag: gebruik ik dit echt, of draagt het daadwerkelijk iets bij aan de uitstraling van de ruimte? Alles wat daar niet aan voldoet, zit je eigenlijk in de weg. Dat betekent niet dat je rigoureus alles moet weggooien, maar wel dat je bewust kiest: sommige dingen kunnen weg, andere kun je opbergen, en weer andere misschien doneren. Vooral losse decoratie, kleine rommel, overvolle tafels en kasten en spullen die “tijdelijk” ergens liggen maar er eigenlijk al maanden staan, zijn de grootste boosdoeners. Door alleen al hier streng in te zijn, ontstaat er vanzelf rust, zonder dat je ook maar iets nieuws hoeft te kopen.

Balans zonder leegte

Wat daarna belangrijk wordt, is hoe je met de overgebleven spullen omgaat. Japandi draait namelijk niet om leegte, maar om balans. Het gaat er niet om dat alles kaal wordt, maar dat je bewust ruimte laat. Zie die lege ruimte als onderdeel van je inrichting in plaats van iets dat je moet opvullen. Als je bijvoorbeeld een kast hebt, laat dan gerust een derde leeg. Dat voelt in het begin misschien onnatuurlijk, maar juist daardoor krijgen de objecten die er wél staan meer aandacht. Hetzelfde geldt voor hoe je spullen plaatst: in plaats van alles los van elkaar neer te zetten, werkt het beter om dingen te groeperen. Twee of drie items samen voelen rustiger dan zes losse objecten verspreid over een oppervlak. Een vensterbank met één plant en wat ruimte eromheen oogt sterker dan een rijtje van alles door elkaar.

Vervolgens komt het moment waarop je gericht gaat vervangen, maar zonder dat je in één keer je hele interieur omgooit. Dat is namelijk precies waar het vaak misgaat: mensen kopen in één keer een hele “stijl”, en dan wordt het geforceerd. Kijk liever naar wat er nu uit de toon valt. Dat zijn vaak de eerste dingen die je aanpakt. Denk aan kussens, verlichting of decoratie. Door bijvoorbeeld synthetische stoffen te vervangen door linnen of katoen, of door glanzende accessoires te verruilen voor matte, natuurlijke materialen zoals hout of keramiek, verandert de sfeer al behoorlijk. Het zit hem niet in hoeveelheid, maar in materiaal en uitstraling.

Hoe pas je kleuren toe?

Kleurgebruik speelt daarin ook een grote rol, maar dat betekent niet dat alles ineens beige moet worden. Het gaat er vooral om dat je het aantal kleuren beperkt en ze op elkaar afstemt. Als je per ruimte een paar basiskleuren kiest en daarbinnen blijft, ontstaat er vanzelf rust. Dat kunnen nog steeds warme of iets levendigere tinten zijn, zolang ze maar niet met elkaar concurreren. Felle kleuren hoeven niet per se weg, maar werken beter als accent dan als hoofdmoot. Door kleuren te bundelen of subtieler toe te passen, voorkom je dat een ruimte onrustig aanvoelt.

Een ander belangrijk punt is de manier waarop je meubels in de ruimte staan. Veel interieurs voelen vol omdat alles tegen elkaar aan staat of strak langs de muren is geschoven. Door meubels iets losser te plaatsen en ruimte ertussen te laten, gaat een kamer letterlijk “ademen”. Dat betekent niet dat je minder meubels moet hebben, maar wel dat je ze anders positioneert. Hoeken hoeven niet altijd gevuld te worden, en niet elk stukje ruimte hoeft benut te zijn. Juist dat niet-opgevulde maakt het verschil.

Vergeet de natuurlijke accenten niet

Om het geheel af te maken, voeg je een paar natuurlijke accenten toe. Dat hoeft helemaal niet overdreven. Eén of twee planten zijn vaak al genoeg om leven in de ruimte te brengen. Houten elementen, zoals een tafel of een schaal, geven warmte, en stoffen zoals linnen gordijnen of een plaid zorgen voor zachtheid. Het gaat erom dat je een gevoel creëert, niet dat je een thema gaat neerzetten. Als het te bedacht wordt, verlies je juist die ontspannen uitstraling.

Wat dit alles uiteindelijk oplevert, is niet alleen een andere sfeer, maar ook praktisch gemak. Doordat je minder spullen hebt en alles bewuster geplaatst is, wordt schoonmaken simpelweg makkelijker. Je hebt minder obstakels, minder oppervlakken die vol staan en minder dingen die stof verzamelen. Tegelijkertijd vraagt deze stijl wel om discipline: rommel valt sneller op. Als je dingen laat slingeren, zie je dat meteen. Het is dus geen “luie” manier van inrichten, maar wel een efficiënte.

Als je het vertaalt naar een concrete woonkamer, zie je het verschil direct. Waar eerst een salontafel vol lag met spullen, blijft nu misschien alleen een schaal of een boek over. Een tv-meubel dat eerst vol stond met van alles, wordt deels leeg gelaten. In plaats van overal losse decoratie, kies je voor een paar sterke items die echt opvallen.

Check je woonstijl

Heb je er nog geen echt beeld bij? Op online blog Woonspots vind je naast wooninspiratie ook praktische tips over hoe je ruimtes slim inricht zodat ze makkelijker schoon en opgeruimd te houden zijn. Van slimme keukenindelingen tot opbergideeën voor de slaapkamer en gang: Woonspots helpt je om een huis te creëren dat er goed uitziet en ook goed werkt.

Dit is ongeveer het idee van de Japandi woonstijl.
Dit is ongeveer het idee van de Japandi woonstijl. De echte kenners zien dat dit een AI afbeelding is.

Ruzie met AI over de Japandi woonstijl

AI en ik verschilden van mening over de look van de Japandi woonstijl. Dat ging ongeveer zo:

Afbeelding 1:

Ik vind dit wel heel erg een bejaarden stijl. Kun je ajb een wat vrijer interieur maken in Japandi stijl, met natuurlijker hout en iets meer kleur. Dit is echt heel saai.

Afbeelding 2:

Sorry, nog steeds echt bijna hetzelfde en heel saai. Ik wil geen bejaarden interieur. Mag meer naar hippie vibe neigen, dit is in mijn ogen géén Japandi, maar de woonkamer van een vrouw van 85 jaar. Die schemerlampen en vazen zijn ook heel oubollig. Maak maar een combinatie van Ibiza stijl en Japandi, maar niet zo absurd netjes en saai.

Afbeelding 3:

Ik snap echt niet dat je die afbeeldingen zó smaakloos en oubollig hebt gemaakt. Die strakke kussens allemaal in aarde teinten. Het heeft niets stijlvols, het lijkt wel het interieur van The Golden Girls. Ik heb je tot driemaal om een andere afbeelding gevraagd. Alles heeft precies dezelfde uitstraling. Ook die plantjes in die bolle vazen, allemaal jaren 90 look. Niets heeft een “avant garde’ stijl.

Laat dan zien wat je wel kan. Inspireer mij, geen cliché’s. Maak het avantgardistisch. Design. Maak een fantasie werkelijkheid en stop met die rotzooi.

En weer kwam AI met dezelfde ideeën – zie hierboven het resultaat. Maar alle gekheid op een stokje: dit is wel het Japandi woonstijl idee om en nabij! 

Hip en hypermodern, de stalen schuifdeur met glas

Ontdek hier bij Häfele Nederland de nieuwste type schuifdeursystemen die zo bij jou thuis geplaatst kunnen worden!
Ontdek hier bij Häfele Nederland de nieuwste type schuifdeursystemen die zo bij jou thuis geplaatst kunnen worden!

Was Nederland net gewend aan de vernieuwing en verhipping van het interieur d.m.v. de zwart stalen glazen binnendeuren, maakt nu de stalen schuifdeur zijn opmars. Het mooie is dat hij op heel veel plekken past, net als houten schuifdeuren (ook geweldig overigens!). Zolang er maar een muur van i.i.g. dezelfde afmeting als de schuifdeur aanwezig is naast de opening waar de schuifdeur moet komen, dan kan daar het schuifdeurbeslag geplaatst worden. En je plaatst ‘m natuurlijk zo aan het plafond, om een nieuwe ruimte te creëren in huis. Nederland slaat dus aan het schuiven, het vormt echt dé woontrend van dit moment.

Schuifdeursystemen, de oplossing voor het creëren van nieuwe ruimtes

Super mooi en strak afgewerkt; schuifdeuren betekenen weer een extra stukje professionalisering van een modern interieur. Dit zijn de deuren die je in huis wilt hebben. Want ze bieden nog meer voordelen dan alleen die strakke, professionele look:

  • Ruimtebesparend, geen deuren meer die een draaicirkel nodig hebben
  • Makkelijk te bedienen in de praktijk
  • Kinderen zitten niet meer met hun vingers tussen de deur
  • Bijzonder geschikt voor kleine ruimtes
  • Je creëert in een handomdraai een “nieuwe ruimte” in huis, plaats een schuifwand in de kamer en je hebt er bijvoorbeeld een thuiskantoor bij – zonder het gedoe van een nieuwe wand te plaatsen.

Bedenk maar eens welke ruimte je zou willen maken in huis… Een speelhoek voor de kinderen. Een muziek oefenruimte. Een thuiskantoor, of kleine praktijkruimte: alles is mogelijk en zó ontzettend makkelijk haalbaar zonder verbouwingen(!)

Hoge kastwanden creëren

Een handige toepassing van schuifdeurbeslag is in plafondhoge kasten. Deze kasten bieden de mogelijkheid om de opslagcapaciteit van vloer tot plafond te benutten, zonder dat deuren naar buiten openslaan. Dit is bijzonder handig in slaapkamers en kleedkamers, waar bespaard kan worden op de ruimte. 

Je keuze voor schuifdeurbeslag doet er toe

Belangrijke onderdelen van het schuifdeur systeem zijn de rails en rollers, die het deurpaneel ondersteunen en begeleiden. Bij het kiezen van beslag is het belangrijk om te letten op de kwaliteit, zodat je verzekerd bent van een lange levensduur en een probleemloze werking. Zo biedt het merk Sligo bijvoorbeeld veel verschillende mogelijkheden en een hoge kwaliteit.

Hoe kies je het schuifdeurbeslag uit?

Als je begint met de installatie van schuifdeurbeslag, zijn er enkele zaken om rekening mee te houden. Kies eerst de juiste maat en functionaliteit. Daarnaast is het belangrijk om de gewichtscapaciteiten van het beslag te bepalen, vooral als je zwaardere deurpanelen gebruikt. Een goede afwerking en nauwkeurigheid bij de installatie zijn belangrijk voor een soepele en stille werking.

Kindvriendelijkheid

Heb jij een gezin met jonge kinderen? De kindvriendelijkheid van schuifdeuren is beter dan die van dichtslaande deuren – omdat ze minder snel dichtklappen dan traditionele deuren, waardoor er minder kans is op beknelde vingers. Daarnaast kunnen schuifdeuren met geïntegreerde soft-close functies ervoor zorgen dat deuren langzaam en veilig sluiten, wat bijdraagt aan een veilige omgeving voor jouw gezin.

Fijn: soft close!

Innovaties zoals soft-close mechanismen zorgen voor een stille en vlotte werking, wat zorgt voor een prettige gebruikerservaring. Vergelijk het met het systeem wat je kent van keukenlades, die zachtjes dichtvallen. Daarnaast zijn er systemen beschikbaar die eenvoudig in slimme huistechnologieën kunnen worden geïntegreerd, zodat je met een druk op de knop je deuren kunt openen en sluiten.

Enthousiast geworden?

Denk je erover om zelf een schuifdeursysteem in huis te (laten) plaatsen? In dat geval is een bezoek aan Häfele Nederland een must, om alle mogelijkheden te ontdekken en inspiratie op te doen. Het is een van de grootste bedrijven op gebied van o.a. schuifdeursystemen. Dus waar wacht je op: ontdek de mogelijkheden en verbeter je interieur met schuifdeurbeslag!

Typisch Scandinavische leefgewoonten, weer een heel andere beleving

Gekleurde woningen in het Noorden. Foto: SvdE
Gekleurde woningen in het Noorden. Foto: SvdE

Ooit, in een ver verleden, ben ik een week naar Denemarken geweest. Een vriendin van ons, als begin twintigers, liep daar stage, vlakbij de stad Randers. Ze had ons al geïnformeerd dat e.e.a. heel anders verliep in Denemarken dan bij ons. En aangezien ze bij een Deens gastgezin verbleef streken wij daar ook neer; we waren van harte welkom! Het bleek een klein gehuchtje. Natuurlijk was het ijzig koud toen we daar in februari arriveerden; je voelde de temperatuur dalen naar mate we verder vanuit Duitsland naar het noorden trokken. Later heb ik ook eens, bevangen door het mooie Scandinavië, een overtocht per boot gemaakt naar Kristiansand met de Kristiansand ferry – stom genoeg had ik mijn reistabletten niet bij me – altijd doen!

Boottocht maken over de Noordzee? Vergeet je reispillen niet!

De Noordzee kan juist daar erg ruig te keer gaan, dus twijfel je of je per land of boot gaat: neem in het laatste geval absoluut iets tegen zeeziekte mee(!). Want werkelijk, het was enerzijds fantastisch, je vertrekt nl. in de middag, dus dan krijg je de meest mooie, weidse vergezichten over zee te zien, maar al voor het eten voelde ik me niet goed worden. En Kristiansand, op aanraden van een vriendin bezocht, was echt fantastisch – een schattig dorpachtig stadje (zo voelt het), met gekleurde huisjes aan een mooie baai in Noorwegen, is absoluut een bezoek waard (net als de omgeving van Kristiansand), maar de boottocht van maar liefst 18 uur kan hels zijn! Direct uiteraard ter plekke iets gekocht voor de terugreis, en dat hielp als een tierelier. Want my oh my, ik was op de heenreis hondsberoerd en kroop over het gangpad naar het toilet, kon door de deining niet meer rechtop lopen. Het brak los toen ik een jongetje achter ons enthousiast hoorde zeggen: ‘het lijkt wel Six Flags!’

Maar om terug te komen op onze ervaring in Denemarken: sommige leefgewoonten verlopen daar anders dan bij ons, erg bijzonder!

Typisch Deens/ Scandinavische ‘dingen’

Randers in Denemarken ligt vrij noordelijk, maar tijdens de terugreis bezochten we ook Aarhus en Odense. Toen we in het gehucht bij Randers arriveerden, bij het gastgezin, en we daar een warme maaltijd kregen, leken we wel ‘de aardappeleters’. Om te beginnen zaten we in een vrij donkere woonkamer, met een paar schemerlampjes. De pannen met eten stonden niet op tafel, maar werden doorgegeven. Je zit dus aan tafel, schept bijvoorbeeld aardappels op, en geeft de pan dan door aan degene naast je (met de klok mee), idem met groente en vlees. Ben je uitgegeten, dan zeg je “tak for mad” (dit had onze vriendin ons al geïnstrueerd van te voren). Het was echt een kneuterige beleving, maar leuk!

Ook de badkamer was een “beleving”. Daar denk ik met warme gevoelens aan terug! In die ijzig koude periode (geen sneeuw gelukkig) hadden deze mensen vloerverwarming, maar dan niet zoals wij dat kennen: in het midden van de badkamer stond nl. een grote ingebouwde ketel waar door henzelf drank of bier in werd gestookt/ gebrouwen (schijnt vaker voor te komen gezien de hoge kosten voor drank in Scandinavië). De leidingen die hiervoor onder de grond doorliepen, verwarmden de vloer van de badkamer. Zoiets heb ik dus nog nooit eerder in mijn leven gezien(!) En ja, wij waren begin 20, dus we gingen ook stappen uiteraard. De jongeren daar, destijds i.i.g., stonden buiten eerst ‘in te drinken’ voordat zij een disco ingingen, want binnen waren de drankjes niet te betalen. En als Scandinaviërs gaan drinken, dan kunnen zij ook echt losgaan, vertelde onze vriendin. Ze staan wat dat betreft “aan/ of uit” (niet op dagelijkse basis natuurlijk!).

Schoenen uit svp!

Ook is het in Denemarken – en waarschijnlijk in andere Scandinavische landen – zeer gebruikelijk om je schoenen uit te trekken bij de deur. Bij sommige deuren zie je diverse schoenen buiten staan. Het leuke in Denemarken is, vooral in landelijk Denemarken, dat mensen nog vrijer wonen, deuren worden niet op slot gedaan, het is een beetje de oud Hollandse sfeer. Wat ook zo prettig is: er is veel meer natuur én veel minder inwoners dan bij ons (buiten de drukkere steden natuurlijk). In Denemarken zie je ook nog piepkleine huisjes staan in oude stadswijken. Zo bezochten wij het huisje van Hans Christiaan Andersen in Odense; een echt heel laag huisje!

Banket? Mwa, doe mij maar het Hollandse banket

Lekkernijen (zoetigheid, snoep/ bakkerij) vind ik zelf meestal niet zo heel lekker in Scandinavische landen; het ziet er meestal lekkerder uit dan dat het is (tot mijn teleurstelling als zoetekauw). Geef mij maar het Nederlandse banket. Wat dat betreft vind ik Scandinavië meer overeenkomsten vertonen met Duitsland dan met Nederland. Uit eten gaan was wel een genot, nog nooit zoveel zalm op in de meest waanzinnige dressings, en andere lekkere verse voeding.

In Denemarken, net als in andere Scandinavische landen, maar ook wel in Duitsland, zie je veel ‘gekleurde’ woningen, oranje, geel, of lichte kleuren groen, blauw, zalmkleurig. Dit doet al anders aan dan bij ons. We zijn bij verschillende ‘locals’ op bezoek geweest, waar sommige andere klasgenoten van haar logeerden, en de inrichting varieerde van oubollig tot Ikea-achtig (jaren 90), dat viel op.

Scandinavië is natuurlijk een breed begrip, maar het ruime wonen en de uitgestrekte bossen en de natuur, dát is een verademing!

Huishoudelijke gewoontes in Zuid Italië, nog net wat ouderwetser dan hier

Grillige kusten, afgewisseld door baaien. Foto: SvdE
Grillige kusten, afgewisseld door baaien. Foto: SvdE

Toevallig kwam ik op de site van Bari; een vakantie site over ‘de hak van Italië’ – want zo nu en dan googel ik naar foto’s van die regio. Waarom? In de jaren 90 bezochten we die hoek, en dat kwam toevallig via een ‘deken-reis’ zo. De vijftigplussers onder ons kennen dit type ‘reizen’ vast nog wel: dit waren promotie reizen waar wollen producten verkocht werden, afkomstig van Texel. Mijn ouders begonnen met die traditie en kochten ook het nodige (zo gebruik ik nog steeds hun schapenwollen kussens, sloffen en ’s winters het onderdeken – maar dat terzijde). Mijn vriendin en ik kwamen dus uiteindelijk o.a. in de hak van Italië terecht. De busreis alleen al duurde 2 dagen(!) Overnachten in Italiaans Tirol en vervolgens op naar het zuiden. Om van daaruit weer via bezienswaardigheden in een week tijd terug te rijden naar Nederland. Kosten? 250 gulden, om precies te zijn in 1994.

Dit wollen kussen is gekocht tijdens zo'n "deken reis" in omstreeks 1992 door m'n ouders en is dus nu ongeveer 34 jaar oud... (normaliter zit er een hoes om). Foto: SvdE
Dit wollen kussen is gekocht tijdens zo’n “deken reis” in omstreeks 1992 door m’n ouders, en is dus nu ongeveer 34 jaar oud… buitenzijde bestaat net als de binnenzijde uit wol. (normaliter zit er een kussensloop om). Voordeel van dit kussen: het plooit heel goed, is zacht en warm – heel anders dan andere kussens. Foto: SvdE

Zuid Italië, het pure gevoel

Aan de regio van Brindisi heb ik warme herinneringen overgehouden. Italië ervoeren we als één openlucht museum, vooral in het zuiden. En daar in het zuiden zagen we in april al de sinaasappels in de bomen hangen en was het zo’n 25 graden. Brindisi en omgeving is oud, klassiek, wat vervallen, de zee is nergens zo blauw als daar voor m’n gevoel – we zijn er uiteraard niet in geweest, was nog te fris toen – maar wel een mooie boottocht gemaakt. Het landschap is licht bergachtig en grillig.

Dat ouderwetse gevoel. *Zucht*

Maar vooral trof me ook dat ‘ouderwetse gevoel’ van wasgoed wat uit de ramen hangt; hier ondenkbaar in steden, maar in de ietwat vervallen stad Puglia doodnormaal. Winkeltjes verkopen er veel natuurproducten; denk aan sponzen uit de zee, échte sponzen dus. Denk aan zemen van echt leer. Denk aan verse kruiden (we hebben destijds, we waren toen 24 jr, flink wat ingeslagen) – dit zie je natuurlijk ook terug in Griekenland. Wit wasgoed wordt nog echt door de zon gebleekt (wij hadden vroeger ‘bleekvelden’, liet men in het gras vooral linnen drogen in de zon, om het te bleken naar wit, later werden wasmiddelen ontwikkeld om te bleken). In Italië, vooral in het zuiden, staat men dichterbij het wat meer puurdere leven, maakt men veel meer gebruik van natuurlijke ‘middelen’, ipv kunstmatige zaken. Het hangt er niet vol met airco’s, maar men bouwt gewoon huizen met dikke muren en kleine ramen.

Spullen zijn er dus “echter”. Honing bestaat echt uit honing. Italiaanse kazen, zijn er ‘echt’, denk aan mozzarella (gemaakt van buffel melk), of zelfs uit Puglia afkomstig, de ‘Burrata’ (mozzarella gevuld met room). Dit zijn totaal andere belevingen dan wat je bij ons in de supermarkt koopt. Helaas ligt Zuid Italië niet naast de deur en ben ik er naderhand nooit meer geweest. Gelukkig is daar Griekenland nog, en hoewel anders, haal je daar ook veel “echte” spullen vandaan. Maar de ‘echtheid’ (en zowel natuurlijke als culturele schoonheid) van de regio in de hak van Italië ben ik nooit vergeten. Het is er niet hip ‘hip’, hemel zij dank niet (de populatie heeft van nature klasse, dus tja..) – er is niet veel veranderd zo op het eerste oog, zag ik op de site van Bari. Mooi.

De zomer komt er weer aan, zo blijft je huis koel

In de Spaanse zon. In een schaduw hoekje. Met luiken en mét airco. Zelfs voor onze hond was het te doen. Foto: SvdE
In de Spaanse zon. In een schaduw hoekje. Met luiken en mét airco. Zelfs voor onze hond was het te doen. Foto: SvdE

Ik schrijf dit nog hartje winter, terwijl bij ons in huis de airco staat te ronken, maar dan op warme stand uiteraard. Waarom? Wij gebruiken al sinds 2011 de airco vooral om het huis te verwarmen: omdat het heel veel geld scheelt op gasverbruik. Dat roepen we al jaren, maar pas sinds een paar jaar wordt in Nederland op grotere schaal de airco thuis gebruikt als verwarming, las ik onlangs. Mijn zwager heeft een airco installatiebedrijf en zodoende hangt hij bij ons al sinds jaar en dag. Het grappige, of wrange beter gezegd, is dat mensen om je heen denken dat je ‘decadent’ bent, omdat er een airco hangt; je bent dan een verspiller, die een airco gebruikt om te koelen.

Maar nee: in de winter besparen we dus fors op gas en in de zomer zetten we hem alleen op de heetste dagen aan – mensen die dan langskomen vinden het een verademing bij ons binnen. Het koelen is bijvangst, het echte gebruik gaat om verwarmen. De airco gebruikt nog geen 2 kWh op de hoogste stand; gas ligt dik boven een euro per uur. Wij verbruiken dus minder dan de helft. Alleen bij vorst moet de CV aan, want dan verwarmt de airco niet meer voldoende.

In landen als Spanje doen ze dit ook vaak zo. Airco verwarmt ’s winters. Airco koelt ’s zomers. Dit is dus mijn tip: neem een (split unit) airco; zeker als je zonnepanelen hebt liggen en je straks misschien moet betalen om terug te leveren. Tip: Mitsubishi is hét merk.

Wat we kunnen leren van ‘de zuidelijke landen’

De airco en goede zonwering zijn logisch om de warmte buiten de deur te houden, net als schaduw van bomen (scheelt enorm). In zuidelijke landen, denk aan regio’s als Andalusie in zuid Spanje, zien we ook: dikke muren, kleine ramen én stenen vloeren in huis. Warmer in de winter, en koeler in zomer. Voor ons in Nederland is dat lastig te bewerkstelligen, maar je kunt wel voor meer schaduw zorgen (een schaduw tuin creëren en vooral een rand tegels weghalen uit de tuin – die zijn vaak ’s avonds als de zon onder is nog steeds warm van de hitte van de dag). Plaats er planten. Zorg voor natuurlijke schaduw. Houd ramen en deuren gesloten tijdens hete dagen en neem klapluiken voor het raam (bv shutters), of rolluiken.

Daarnaast zien we natuurlijk in echt hete oorden, zoals Zuid Spanje en Zuid Italië, dat mensen een stapje terugdoen tijdens hitte, denk aan de Spaanse siësta (heel irritant als je wilt shoppen of wat dan ook en de winkels zijn dicht tot 4 of 5 uur!). Ze pauzeren. Ik heb bij een Spaans gastgezin gezeten in de jaren 90 om Spaans te leren -in de omgeving van Fuengirola, heel mooi zoals te zien op playa miguel webcam – dan gaat het ongeveer zo: ’s ochtends geen ontbijt, maar wat biscuitjes bij de koffie. Dan kom je thuis rond een uur of half 1 en volgt er rond een uur of 1 een warme, uitgebreide maaltijd. Ik werd altijd begroet door de vrouw des huizes die puffend zei: ‘mucho calor’! Dan gaan mensen dutten, of rustig aan doen. Daarna hervat pas rond 16.00 uur de werkdag tot later in de avond. Hier wen je aan, maar kan bij ons natuurlijk niet. Wat wel kan is je activiteiten zó plannen, dat je intensieve klussen ’s ochtends voor 10 uur uitvoert (om 11.00 u is het al warm natuurlijk) en in de namiddag de dingen weer hervat. Zo doen wij het sinds jaar en dag als we vrij zijn.

Zelfs met de honden wandelen plan ik zo in, aangezien onze oudste hond (nu helaas overleden), zelfs een hitteshock midden op een hete zomerdag heeft opgelopen. Let onwijs goed op met je hond tijdens zeer hete dagen (30 c en meer). Het is niet alleen de buitentemperatuur, het zijn ook de straten die heet zijn. Honden koelen o.a. af op hun voetzolen (en vooral via hijgen), maar als de grond onder hun poten te heet is, stijgt de lichaamstemperatuur alleen maar. Ik wandel dus bewust rond 9 uur ’s ochtends, dan zijn we voor 10 uur terug. Daarna wandelen we pas weer in de namiddag bij hitte, en dan vooral op plekken waar veel bomen zijn. In huis heb ik een stenen vloer: ideaal voor honden (en voor onszelf) om af te koelen, beter dan wat dan ook.

De werking van licht en temperatuur op lava

Mooi, het lijkt wel graniet, maar het is lavasteen!
Mooi, het lijkt wel graniet, maar het is lavasteen!

Steeds vaker hoor ik van anderen dat ze thuis gekozen hebben voor zo’n keiharde lavavloer. Ik vind het niet gek, aangezien ik weleens een vreselijke vloer heb gezien die gecoat was met een te zachte toplaag, waardoor de hele vloer binnen een jaar onder niet meer weg te krijgen strepen zat. Dat overkomt je niet snel met een lavavloer, dus ik begrijp de keuze. Er hangt een prijskaartje aan, dat is waar. Daarbij is er nog een bijzonder aandachtspunt bij de lavavloer: de werking van (zon)licht en verschillende temperaturen.

Echte lava

Het is waar: het basismateriaal komt voort uit vulkanisch gesteente, dat wordt gesmolten en daarna gegoten en verder bewerkt. Door dit proces krijg je een vloer die heel compact en dicht is, maar toch niet zo strak en kil oogt als bijvoorbeeld een gewone betonnen gietvloer. Er zit een zekere levendigheid in lava: een bijna organische uitstraling, omdat je in het oppervlak minieme schakeringen ziet die door het stollingsproces van de lava ontstaan.

Een betere basis stof dan lavasteen is er nauwelijks verkrijgbaar, wat door de vulkanische oorsprong extreem sterk is; het slijt nauwelijks. Dit houdt dus in dat in de praktijk een vloer zelfs na tientallen jaren intensief gebruik nog grotendeels hetzelfde blijft. De hardheid van de steen maakt dat krassen of putjes minder snel optreden dan bij zachtere natuursteenvarianten. Ook vlekken trekken niet snel in, dankzij de dichte poriën.

Effect van verschillende lichtbronnen op lava

Wat betreft het effect van zon en licht: lavagietsteen heeft de eigenschap om licht op een zachte wijze te reflecteren. Zo oogt de vloer ’s ochtends net iets anders dan ’s avonds, omdat de verschillende tinten en schakeringen in het materiaal zich aanpassen aan de lichtval. In fel zonlicht kan de vloer wat meer glanzen of dieper van kleur lijken – bij weinig licht komt de structuur wat meer naar voren. Verkleuren doet lavagietsteen nauwelijks, omdat het van nature bestand is tegen uv-licht. Je hoeft dus niet bang te zijn dat de vloer bij ramen of schuifpuien op den duur een vale of lichtere kleur krijgt, iets wat bij hout, of sommige kunststoffen/ coatings, wel voorkomt.

Wat doet de huiskamertemperatuur met lava?

Allereerst: Lava ontstaat onder extreme hitte en druk, dit houdt in dat temperatuurschommelingen (en zeker zo miniem als thuis) de lava niet aantasten.

Temperatuur speelt verder ook een belangrijke rol in de beleving van een lavagietsteen vloer. Lava geleidt warmte uitstekend, wat betekent dat het bijzonder geschikt is in combinatie met vloerverwarming. Als de vloer eenmaal warm is, houdt hij die warmte lang vast, waardoor de ruimte heel gelijkmatig verwarmd wordt. In de zomer werkt het andersom: de vloer kan koel aanvoelen omdat hij warmte ook weer snel afgeeft aan de lucht. Dat zorgt voor een goede balans, zeker in huizen die veel zonlicht binnenkrijgen. Bij vorst of kou wordt de vloer niet broos of barstgevoelig, wat je bij sommige keramische tegels wel ziet. Wel een nadelig puntje is dat geluid verder draagt en doorgegeven wordt dan bij zachtere vloersoorten.

Schoonmaken

In principe volstaat stofzuigen en/of vegen. Moet er gedweild worden, gebruik dan lauw water met een milde, pH-neutrale zeep (geen agressieve schoonmaakmiddelen, geen zuurhoudende producten zoals schoonmaakazijn of chloor, en ook geen schuurmiddelen) – anders kan de beschermlaag worden aangetast. Gemorste vloeistoffen kun je gewoon met een doek opnemen; ze trekken niet snel in. Als er toch een hardnekkige vlek is, werkt een zachte microvezeldoek met een beetje neutraal schoonmaakmiddel meestal afdoende.

Wat zijn nu precies keramische tegels?

 

Keramische wandtegels, ongeschikt voor de vloer.
Keramische wandtegels, ongeschikt voor de vloer.

Er zijn zoveel soorten tegels te koop, dat het niet altijd duidelijk is of iets al dan niet keramisch is. Wanneer is een tegel keramisch en wat is de meerwaarde?

Keramische tegels zijn gemaakt van op zeer hoge temperatuur gebakken klei, of klei-achtige grondstoffen. Tijdens dit proces ondergaan de kleideeltjes een verglazingsproces waardoor de tegel hard, slijtvast en duurzaam wordt. Vaak wordt er bovenop de gebakken tegel een glazuurlaag aangebracht, die zowel decoratief (kleur, motief, glans) als functioneel (bescherming tegen vocht, vlekken, krassen) werkt.

Let op: er bestaan ook ongeglazuurde keramische tegels, zoals sommige soorten terracotta en porselein.

Keramische tegels onderscheiden zich op meerdere vlakken van andere soorten tegels en vloerafwerkingen:

Verschil in grondstof

Niet alle tegels zijn keramisch. Natuursteentegels bijvoorbeeld (zoals marmer, leisteen, graniet, travertin) worden direct uit gesteente gezaagd en niet gebakken. Ook bestaan er composiettegels of betontegels, die uit cement, zand en toeslagstoffen bestaan en dus niet keramisch zijn. Keramische tegels hebben het voordeel dat ze zeer gelijkmatig geproduceerd kunnen worden, wat zorgt voor exact dezelfde maten en kleuren, wat er voor zorgt dat de plaatsing veel makkelijker gaat dan bij natuursteen of beton.

Gebruik bij vloeren en wanden

Keramische tegels zijn uitermate geschikt voor zowel van keramische vloer- en wandtegels. Het verschil zit vaak in de hardheid en slijtvastheid van de tegel. Wandtegels hoeven minder hard te zijn en zijn vaak lichter, dunner en met een decoratieve glazuurlaag. Vloertegels daarentegen moeten bestand zijn tegen belasting, slijtage en vaak ook tegen vorst (zeker bij gebruik buitenshuis). Daarom worden vloertegels dikker en harder gebakken. Technisch gezien kun je een vloertegel ook tegen de wand plaatsen, maar omgekeerd kan een wandtegel meestal niet op de vloer worden toegepast vanwege de lagere sterkte.

Een van de voordelen van keramische vloer- en wandtegels is dat ze makkelijk zijn schoon te houden. Stofzuigen gaat erg makkelijk over deze vloer, ook een dweil vliegt over het oppervlak. Zelf maak ik de vloer schoon met een vochtige dweil met wat allesreiniger of dasty; vlekken vliegen eraf.  Wat heel fijn is, is dat ze niet snel zullen krassen en verkleuren. Alleen heel oude keramische vloeren (van 30 jaar of ouder) vertonen weleens slijtplekken, als er echt vaak over gelopen is.

Keramiek of plavuizen?

De term plavuizen wordt in de volksmond vaak gebruikt voor keramische vloertegels, met name de grotere, stevige varianten. Strikt genomen zijn plavuizen dus meestal keramisch, maar de term kan verwarrend zijn omdat sommige mensen er ook betontegels of zelfs natuursteen mee aanduiden. In de praktijk zijn de meeste moderne plavuizen die in huizen worden toegepast inderdaad keramisch.

Voordelen van keramische tegels

  • Makkelijk in onderhoud: Het glazuur maakt de keramiek vlekbestendig en eenvoudig te reinigen.
  • Hygiëne: Het oppervlak is niet poreus (zeker bij geglazuurde of porseleinen varianten).
  • Veelzijdig: Beschikbaar in talloze formaten, kleuren, motieven en structuren, inclusief houtlook, betonlook en natuursteenimitaties.
  • Duurzaam: Keramiek slijt nauwelijks, behoudt zijn kleur en is bestand tegen krassen.
  • Bestand tegen vocht: Daarom ideaal voor badkamers, keukens en buitentoepassingen (mits vorstbestendig).

Varianten binnen keramische tegels

  • Steengoed: Hardgebakken, dicht materiaal, vaak vorstbestendig.
  • Aardewerk: Zachter, poreuzer, vaak alleen geschikt voor wanden.
  • Porselein: Zeer hard, vrijwel waterdicht, slijtvast en vaak door-en-door gekleurd. Dit is de topcategorie onder keramische tegels.
  • Terracotta: Traditionele ongeglazuurde, rode kleitegels (of in andere tinten, ze kunnen ook geverfd zijn), maar erg makkelijk breekbaar, dus alleen geschikt voor wanden.

Hoe een thuisbatterij werkt met zonnepanelen

Lange rijen zonnepanelen; de vraag naar thuisbatterijen of professionele batterijen groeit ook gestaag door.
Lange rijen zonnepanelen; de vraag naar thuisbatterijen of professionele batterijen groeit ook gestaag door.

Wat iedereen wil weten met zonnepanelen op het dak en met de opheffing van de salderingsregeling in het vooruitzicht: hoe werkt dat, een thuisbatterij als ik zonnepanelen op dak heb?

Wanneer zonnepanelen overdag stroom opwekken, is dat meestal op momenten dat er weinig verbruik is in huis. Zonder opslag gaat deze overtollige energie terug het net op. Met een thuisbatterij blijft de opgewekte stroom beschikbaar voor eigen gebruik. De stroom wordt tijdelijk opgeslagen en later gebruikt wanneer de zon niet schijnt, bijvoorbeeld ’s avonds of in de vroege ochtend.

Slimme regeling tussen opwek en verbruik

Een thuisbatterij werkt samen met een energiemanagementsysteem. Dit systeem bepaalt automatisch of stroom direct wordt gebruikt, wordt opgeslagen of juist uit de batterij wordt gehaald. Hierdoor wordt het gebruik van eigen zonnestroom gemaximaliseerd en het net zoveel mogelijk ontlast. Zo wordt piekbelasting vermeden en blijft het binnenkomende netverbruik laag.

De rol van omvormers bij opslag

Om de gelijkstroom van zonnepanelen om te zetten naar bruikbare wisselstroom is een omvormer nodig. Sommige systemen hebben een aparte omvormer voor de batterij. Andere systemen maken gebruik van een hybride omvormer die beide functies combineert. Deze regelt automatisch wanneer stroom van of naar de batterij gaat. De efficiëntie van de opslag hangt voor een groot deel af van hoe goed deze omvormer is afgestemd op de installatie.

Verschillende laadstrategieën

Er zijn meerdere manieren waarop een thuisbatterij kan worden aangestuurd. Bij een passieve strategie wordt alleen opgeslagen wat overblijft na direct gebruik. Actieve systemen voorspellen het verbruik en spelen daar slim op in. Sommige geavanceerde batterijen kunnen zelfs rekening houden met weersvoorspellingen of dynamische energietarieven. Zo wordt niet alleen gebruik geoptimaliseerd, maar ook slim ingespeeld op kosten en opbrengsten.

Marstek thuisbatterij als aanvulling op je zonne-installatie

De Marstek Thuisbatterij is ontworpen om direct samen te werken met moderne PV-installaties. Het systeem detecteert automatisch hoeveel stroom er wordt opgewekt, verbruikt of teruggeleverd. Op basis daarvan bepaalt het of er geladen of ontladen wordt. Door het modulaire karakter van Marstek-systemen is uitbreiding mogelijk wanneer de energiebehoefte toeneemt. Dit maakt het geschikt voor zowel kleine als grotere huishoudens.

Wat er gebeurt als de batterij vol is

Wanneer de thuisbatterij volledig is opgeladen, stopt het systeem automatisch met opslaan. De overtollige stroom gaat dan alsnog terug naar het net. Daarom is het belangrijk dat de capaciteit van de batterij goed is afgestemd op het aantal zonnepanelen en het gemiddelde verbruik in huis. Te weinig opslag leidt tot veel teruglevering, terwijl te veel capaciteit zorgt voor onbenutte ruimte in de batterij.

Energie gebruiken tijdens stroomuitval

Een aantal thuisbatterijen, waaronder bepaalde modellen van Marstek, biedt de mogelijkheid om tijdens stroomuitval als back-up te functioneren. Dit hangt af van de configuratie en of het systeem is uitgerust met een zogenoemde back-up functie. In dat geval blijft een deel van de woning voorzien van stroom, bijvoorbeeld voor verlichting, koeling en internet.

Monitoring en inzicht via app of display

De meeste thuisbatterijsystemen bieden realtime monitoring van de energiestromen. Zo zie je op elk moment hoeveel stroom wordt opgewekt, opgeslagen en verbruikt. De Marstek Thuisbatterij is compatibel met diverse apps waarmee gebruikers hun energiegedrag nauwkeurig kunnen volgen en eventueel bijsturen. Dat maakt het niet alleen technisch interessant, maar ook leerzaam voor bewuste gebruikers.

Tijdloos wonen begint vaak met sterke designmeubels

Mooie, tijdloze design meubelen.
Mooie, tijdloze design meubelen.

Een van de meest vervelendste dingen aan nieuwe meubels is dat de trend weer voorbij gaat … Je nieuwe interieur is nu nog volledig onstyle, maar over 3 jaar begint de look gedateerd te raken en begint het bij jou weer te kriebelen, want je interieur is aan het dateren. Niet leuk en voor zóveel mensen herkenbaar. Hoe voorkom je dit supervervelende bijeffect? Want natuurlijk ga je niet iedere 3 jaar een ander interieur aanschaffen, en je zult altijd achter de feiten aan blijven lopen, tenzij ….

Tenzij je kiest voor echte designmeubelen

Oh, waar vind ik die trend? Waar heb je dát gekocht? Dat zijn de reacties van vrienden en familie als je kiest voor design meubelen – want ze herkennen de look helemaal niet. De look van tijdloze design meubelen is niet bij iedere meubelzaak verkrijgbaar en loopt volledig mee met de huidige trends. Natuurlijk niet, dat zorgt er ook voor dat er geen sprake is van “datering”. Dát zorgt ervoor dat je bij wijze van spreken over 20 jaar een meubelstuk voor een mooie prijs kunt verkopen. Design meubelen zijn echte investeringen.

Waar laat je de keuze van afhangen?

Bij het uitzoeken van nieuwe meubels spelen meerdere vragen mee. Wat past er in de ruimte? Welke kleuren sluiten aan bij de rest van het huis? En hoe voelt het materiaal aan in het dagelijks gebruik? Zijn er kinderen en huisdieren in huis? Vergelijken is echt belangrijk, vooral wanneer je kiest voor tijdloze design meubelen. Een mooie tip? ontdek het volledige assortiment van Zitmaxx.nl, waar je zowel klassiek als modern kunt bekijken zonder direct een richting te hoeven kiezen. Die ruimte om te vergelijken helpt bij het maken van keuzes die echt passen bij je manier van wonen.

Neem vormen en lichtinval ook mee

Een meubelstuk staat nooit op zichzelf. De ruimte eromheen bepaalt hoe het tot zijn recht komt. Lichtinval, kleur op de muren, waar zitten de ramen en deuren? Alles heeft invloed op hoe groot of zwaar een meubel oogt. Een kast met dunne poten lijkt lichter dan een blok op de grond, zelfs als ze even groot zijn. Een bank in een warme kleur voelt anders aan in ochtendlicht dan in de avond. Daarom is het slim om meubels te kiezen die zich aanpassen aan de ruimte, en niet andersom. Tijdloze meubels doen dat bijna vanzelf.

Wat je merkt aan meubels na een jaar gebruik

Veel meubels voelen goed op het moment van aankoop. Maar pas na maanden of jaren blijkt of ze echt passen bij je leven. Een tafel die te klein is, of een stoel die snel slijt, het zorgt voor ergernis en een miskoop gevoel. Tijdloze design meubels laten zien dat goed ontwerp zich bewijst in de praktijk. Het zijn meubels waar je na lange tijd nog tevreden over bent, vanwege de look, comfort, het design, de hoge kwaliteit.

Tijdloze keuzes laten ruimte voor verandering

Wie kiest voor tijdloze meubels zorgt voor een stabiel interieur. Die basis maakt het makkelijker om de rest van het interieur aan te passen. Je kunt wisselen van kussen, schilderij of kleed, zonder dat het meubel zijn plek verliest. Dat maakt het leven in huis flexibeler en minder afhankelijk van trends.

Onderhoudsschema opstellen voor tapijttegels

Tapijttegels reinigen is een vak apart.
Tapijttegels reinigen is een vak apart.

Tapijttegels waren eens zo populair, waar zag je ze niet in huis? Tegenwoordig kom je ze vooral op kantoor tegen, lekker behaaglijk, zorgt voor een betere akoestiek en kapotte tapijttegels (slijtage) zijn makkelijk te vervangen. Maar ook thuis is de tapijttegel weer in opmars. Wie had dat gedacht? Tapijttegels zijn super hip – niet in retro vorm, maar echt hip! Heb jij ze in je bedrijf liggen, dan mag een goed schoonmaakplan mag niet ontbreken, dus lees mee.

Schoonmaak tapijttegels inplannen

Dagelijks even stofzuigen waar je veel vertoeft zorgt voor een langere levensduur; dit voorkomt nl. dat vuil diep in de vezels trekt en blijvende verkleuring veroorzaakt. Daar waar je niet continu bent volstaat een wekelijkse reiniging. Gebruik bij voorkeur een borstelmond dat geschikt is voor laagpolige tapijten. Belangrijk is om de kieren en hoeken goed mee te nemen; juist daar gaat het vuil zich ophopen.

Vlekbehandeling

Zijn er vlekken op de tapijttegels? Doordat ze vrijwel altijd van kunststof zijn gemaakt, zijn vlekken goed te behandelen met een neutraal middel. Zorg dat je niet gaat wrijven, maar dep de vlek weg. Gebruik een neutraal reinigingsmiddel en werk van buiten naar binnen. Kom je vaak vlekken tegen op dezelfde plekken, van schoenen, of honden die net uit geweest zijn, zet dan een spuitfles neer met schoonmaakmiddel en een rol keukenpapier; je hebt ’t dan snel bij de hand.

Periodieke dieptereiniging laten inplannen

Naast dagelijkse reiniging is dieptereiniging nodig om het materiaal fris en geurvrij te houden – natuurlijk voor bedrijven bedoeld; thuis (tenzij bij bedrijf aan huis) wordt je vloer niet zo belast- Elke drie tot zes maanden is een geschikt moment, afhankelijk van het gebruik en de locatie. Hiervoor kunnen sproei-extractiemachines worden ingezet of systemen die vocht en vuil onder lage druk losmaken. Volgens Sparo.nl is het verstandig om bij entrees of intensief gebruikte paden deze reiniging zelfs maandelijks uit te voeren, om slijtage te vertragen en kleurverlies te beperken.

Controles op slijtage en schade

Reinigen alleen is vaak niet voldoende. Het is van belang om eens per maand een visuele inspectie uit te voeren, gericht op losse randen, rafels, verzakkingen of kleurverschillen. Door beginnende schade vroeg te signaleren, kunnen losse tapijttegels worden vervangen zonder het patroon te verstoren. Zorg bij vervanging dat dezelfde legrichting en batch gebruikt wordt, om verschillen in textuur of kleur te voorkomen.

Seizoenen meenemen in reinigingsplan

Reinigingsfrequenties zijn niet altijd constant. In regenachtige of winterse perioden wordt er meer vuil en vocht mee naar binnen genomen. Hierdoor nemen tapijttegels sneller vuil op, zeker bij ingangen en looppaden. In zulke perioden kan het schema tijdelijk worden aangescherpt. Tijdens droge maanden volstaat vaak een minder intensieve aanpak. Door het onderhoudsschema flexibel te houden, blijft de vloer in goede staat zonder overbodige belasting van de facilitaire planning.